Pagina's

zaterdag 9 mei 2026

De asielmachine draait overuren terwijl Nederland langzaam armer wordt

 Afgelopen week verscheen opnieuw een rapport van het Centraal Planbureau waaruit blijkt dat de ongelijkheid in Nederland verder toeneemt. Opnieuw bleek dat vermogens steeds schever verdeeld raken, dat rijkdom zichzelf versterkt en dat de kansenongelijkheid groeit. Wie veel bezit, krijgt er vrijwel automatisch meer bij. Wie weinig heeft, ziet de kosten van het dagelijks leven sneller stijgen dan het inkomen kan bijhouden. Het zijn geen incidenten meer, maar structurele ontwikkelingen die de fundamenten van de samenleving aantasten. Maar Nederland had het liever over asiel.

Dat is inmiddels het patroon. Terwijl boodschappen onbetaalbaar worden, jonge stellen geen woning meer kunnen kopen en steeds meer Nederlanders iedere maand moeten puzzelen om rond te komen, blijft het publieke debat gevangen in een eindeloze herhaling van dezelfde culturele en migratievraagstukken. Demonstraties tegen azc’s halen moeiteloos alle talkshows, terwijl een rapport over groeiende economische ongelijkheid nauwelijks een voetnoot waard lijkt.

Dat is geen toeval. Het is het resultaat van een politieke keuze. Nederland telt inmiddels acht partijen die zichzelf profileren als hard op asiel. Acht partijen die dagelijks verklaren dat migratie hét grote probleem van Nederland is. Acht partijen die sinds 2017, in wisselende samenstellingen, beschikken over een comfortabele meerderheid in zowel de Eerste als de Tweede Kamer. Wie werkelijk gelooft dat asiel de allesoverheersende crisis van Nederland is, zou verwachten dat er na bijna tien jaar politieke dominantie ten minste een samenhangend beleid zou liggen.

Maar dat is er niet. In plaats daarvan zien we ruzies, afsplitsingen, ingestorte coalities en zelfs partijen die tegen hun eigen wetsvoorstellen stemmen. Niet omdat oplossingen onmogelijk zijn, maar omdat het onderwerp politiek veel te waardevol is geworden om echt op te lossen. Asiel is geen dossier meer; het is een verdienmodel. Zolang de crisis blijft bestaan, blijft ze bruikbaar voor campagnes, talkshows en verkiezingsretoriek.

Ondertussen blijft de echte crisis grotendeels buiten beeld. Want buiten de televisiestudio’s groeit de ongelijkheid in een tempo dat jarenlang ondenkbaar leek in Nederland. De kosten van levensonderhoud zijn voor veel huishoudens explosief gestegen. Een week boodschappen is voor steeds meer gezinnen een financiële aanslag geworden. Jongeren stellen hun kinderwens uit omdat wonen, energie, kinderopvang en dagelijkse kosten simpelweg te duur zijn geworden. De middenklasse brokkelt langzaam af terwijl bezitters van vermogen hun rijkdom vrijwel onaangetast zien doorgroeien.

Zelfs het CPB zegt inmiddels openlijk wat jarenlang werd ontkend: het Nederlandse belastingstelsel versterkt die ongelijkheid. Vermogen wordt relatief mild belast, fiscale constructies beschermen de hoogste inkomens en rijkdom genereert vanzelf nieuwe rijkdom. Geld maakt geld, terwijl arbeid steeds zwaarder wordt belast.

Dat is geen natuurverschijnsel. Het is beleid. Vooral de VVD heeft die koers de afgelopen zestien jaar vormgegeven. Ironisch genoeg blijft diezelfde partij ondertussen praten over een “Haagse herverdelingsmachine” alsof Nederland gebukt gaat onder overdreven nivellering. De werkelijkheid is precies andersom. Als er één machine permanent draait in Den Haag, dan is het de machine die vermogen beschermt, belastingvoordelen doorsluist naar de bovenlaag en economische ongelijkheid verder verdiept.

En terwijl die economische scheefgroei toeneemt, blijft een groot deel van de media meebewegen in dezelfde politieke tunnelvisie. Dagelijkse talkshows nodigen steevast dezelfde politici uit om opnieuw over asiel te praten, terwijl fundamentele economische problemen amper worden uitgediept. De groeiende kloof tussen arm en rijk krijgt zelden de urgentie die ze verdient. Alsof een samenleving waarin steeds meer mensen financieel verdrinken minder gevaarlijk is dan een paar honderd extra asielzoekers.

Dat voortdurende afleidingsspel heeft gevolgen. Want hoe meer tijd en politieke energie naar culturele paniek gaat, hoe minder aandacht er overblijft voor bestaanszekerheid, volkshuisvesting, zorg en kansenongelijkheid. Extreemrechts presenteert zich graag als stem van “de gewone Nederlander”, maar wanneer het gaat over betaalbare woningen, hogere lonen of eerlijke vermogensbelasting, blijft het opvallend stil.

Dat is ook logisch. Het aanpakken van ongelijkheid vraagt keuzes die botsen met de belangen van vermogenden, aandeelhouders en grote bedrijven. Veel eenvoudiger is het om de woede van kiezers te richten op migranten, linkse partijen of “de elite”, terwijl ondertussen precies die economische elite buiten schot blijft.

De tragiek is dat steeds meer Nederlanders dat spel beginnen te betalen met hun toekomst. Niet omdat Nederland arm is geworden, maar omdat rijkdom steeds ongelijker wordt verdeeld. De vraag is allang niet meer óf de ongelijkheid groeit. De vraag is hoeveel ongelijkheid Nederland nog accepteert voordat de sociale samenhang definitief breekt.

En zolang het publieke debat volledig opgeslokt blijft door de asielmachine, hoeft niemand in Den Haag die vraag echt te beantwoorden.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten