Laten we eerlijk zijn: geen enkel serieus probleem in Nederland wordt opgelost door moslims het land uit te gooien, niet-blanke mensen te weren, wolven af te schieten, kerncentrales overal neer te plempen en opnieuw gas uit Groningen te pompen. Energie wordt daarmee niet gratis, klimaatverandering verdwijnt niet achter een hek en bestaanszekerheid keert niet terug door vijandbeelden te creëren. Dat zijn geen oplossingen, dat zijn slogans. Maar als extreemrechts werkelijk gelooft dat dit wél werkt, dan moeten we ze misschien maar één ding gunnen: de kans om het te bewijzen.
Links kan blijven waarschuwen. Kan blijven uitleggen dat een kabinet met PVV, VVD, NSC en BBB een gevaar vormt voor de rechtsstaat, voor minderheden, voor persvrijheid en voor sociale zekerheid. We kunnen wijzen op Rusland, Turkije en Hongarije, waar leiders via verkiezingen aan de macht kwamen en daarna systematisch de democratie begonnen af te breken. We kunnen analyseren hoe autoritaire regimes altijd beginnen met het ondermijnen van rechters, journalisten en wetenschappers. We kunnen blijven schrijven, debatteren, demonstreren, posten, roepen en waarschuwen.
Maar het probleem is simpel: het heeft niet gewerkt. De Nederlandse kiezer heeft op 22 november anders beslist. Niet ondanks de waarschuwingen, maar er dwars doorheen. En misschien is dat de harde realiteit waar links eindelijk iets mee moet: de boodschap komt niet aan. Niet omdat ze inhoudelijk fout is, maar omdat ze emotioneel niet meer resoneert. Mensen willen geen analyses meer, ze willen ervaren. Ze willen voelen.
Zoals mijn opa altijd zei: wie niet horen wil, moet voelen. En precies daar zit de paradoxale les van dit moment. Misschien moet extreemrechts inderdaad maar regeren. Niet omdat het goed is, maar omdat het onvermijdelijk is. Zolang extreemrechts in de oppositie zit, kan het blijven roepen dat “alles anders kan”, dat “links alles kapot heeft gemaakt” en dat “zij de waarheid durven zeggen”. Zodra ze zelf verantwoordelijk worden, verdampt die mythe.
Dan blijkt ineens dat migratie niet simpel “te stoppen” is zonder internationale afspraken. Dat energie niet goedkoop wordt door gaswinning of kerncentrales, maar juist duurder en complexer. Dat de EU niet zomaar te verlaten of te negeren is zonder economische schade. Dat veiligheid niet groeit door repressie, maar juist instabiliteit oplevert. Dat klimaatproblemen zich niets aantrekken van nationalistische praatjes. En dat de verzorgingsstaat niet te redden valt met belastingverlagingen voor bedrijven en bezuinigingen op publieke voorzieningen.
De geschiedenis laat dat patroon overal zien. In het Verenigd Koninkrijk liet de conservatieve regering zich meeslepen door extreemrechts en eindigde met Brexit, economische chaos en internationale isolatie. In Polen, Spanje, Portugal en Denemarken liepen rechts-conservatieve regeringen vast op hun eigen onuitvoerbare plannen en werden uiteindelijk weggestemd. Overal bleek hetzelfde: extreemrechts kan schreeuwen, maar niet besturen.
In Nederland zal dat niet anders zijn. De PVV is geen partij, maar een eenmansbedrijf zonder interne democratie, zonder tegenspraak, zonder kader. Wilders is geen coalitiepartner, maar een ongeleid projectiel. Hij laat zich niet binden aan afspraken en zal op elk moment zijn eigen koers varen, ongeacht de gevolgen. NSC en VVD zullen voortdurend brandjes moeten blussen, zich moeten verantwoorden voor uitspraken die ze niet hebben gedaan, en hun geloofwaardigheid zien verdampen.
En laten we ook niet doen alsof de VVD een stabiele factor is. Die partij regeert op peilingen, niet op principes. Zodra de wind draait, trekt ze zonder gêne de stekker eruit. Dan valt het kabinet niet door links, maar door interne spanningen, opportunisme en bestuurlijke chaos.
Laat extreemrechts dus maar regeren. Laat ze hun beloften proberen waar te maken. Laat ze botsen met de werkelijkheid. Laat ze ontdekken dat politiek geen Twitter is en dat slogans geen beleid zijn. Want pas wanneer de mythe sterft in de praktijk, ontstaat er weer ruimte voor realisme.
En dan, pas dan, zal Nederland zich afvragen hoe het zover heeft kunnen komen. Dan zal de roep om redelijkheid, om stabiliteit, om sociaal en democratisch bestuur weer terugkeren. Dan zal men smeken om iemand die problemen niet vereenvoudigt tot vijandbeelden, maar ze daadwerkelijk probeert op te lossen.
En ja, dan klinkt er misschien weer die zin:
“Frans, vergeef ons onze zonden en verlos ons van het extreemrechtse kwaad.”
Niet omdat links ineens gelijk heeft gekregen.
Maar omdat extreemrechts zichzelf definitief heeft ontmaskerd.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten