Pagina's

Posts tonen met het label regeringsvliegtuig. Alle posts tonen
Posts tonen met het label regeringsvliegtuig. Alle posts tonen

zaterdag 28 maart 2026

Waar blijft de nationale discussie over de capaciteiten van Dylan Yesilgöz?

Soms zegt een filmpje meer over een minister dan een heel Kamerdebat. Afgelopen week verscheen er zo’n filmpje van minister van Defensie Dylan Yesilgöz. Flitsende beelden van de Middellandse Zee, militairen in uniform, een modern oorlogsschip en in het midden daarvan de minister zelf. Ze loopt fier over het dek, spreekt met bemanningsleden en kijkt naar de horizon alsof ze persoonlijk de Russen tegenhoudt. Dit soort beelden dat uitstekend werkt op sociale media (en nog beter in een campagne). Alleen zat er wel een prijskaartje aan dat moment van deze politieke cinematografie. Het bliksembezoek van de minister aan het Nederlandse fregat Zr.Ms. Evertsen kostte volgens RTL Nieuws ongeveer 93.000 euro. De Zr.Ms. Evertsen bevindt zich momenteel in het oostelijke deel van de Middellandse Zee en maakt daar deel uit van een Frans vlootverband rond het vliegdekschip Charles de Gaulle. Het Nederlandse schip levert luchtverdediging en beschermt bondgenoten in een geopolitiek gespannen regio.

Dat een minister militairen op missie bezoekt is op zichzelf niet vreemd. Dat gebeurt vaker. Het hoort ook een beetje bij het ambt. Maar een bezoek dat nog geen dag duurt en bijna een ton kost, terwijl het resultaat vooral een strak gemonteerd filmpje op sociale media is, roept wel degelijk vragen op. Het ministerie van Defensie is de afgelopen jaren namelijk een opmerkelijk comfortabel departement geworden voor politici met leiderschapsambities. Terwijl andere ministeries moeten bezuinigen en worstelen met ingewikkelde dossiers, krijgt Defensie er juist miljarden bij. Nieuwe fregatten, nieuwe gevechtsvliegtuigen, nieuwe wapensystemen. Politiek gezien is het een van de weinige plekken waar vrijwel alleen goed nieuws valt te verkopen. Voor een politicus die werkt aan een leidersprofiel is dat natuurlijk een aantrekkelijke positie.

En precies dat profiel heeft Yesilgöz nodig. Het is al lang geen geheim meer dat zij de eerste vrouwelijke premier van Nederland wil worden. Daar is op zichzelf niets mis mee. Ambitie hoort bij het vak. Maar het wordt wel een probleem wanneer beeldvorming belangrijker lijkt te worden dan bestuurlijke geloofwaardigheid. Dat gevoel werd versterkt door de manier waarop de minister kritiek op het dure bezoek wegwuifde. Volgens Yesilgöz kan er “nog geen EasyJet op een vliegdekschip landen”. Het was bedoeld als een grap, maar het klonk vooral als een reflex. Alsof de discussie over een reis van 93.000 euro vooral een communicatieprobleem is.

Daar komt nog iets bij. Het bezoek vond plaats op een moment waarop de inzet van de Evertsen zelf al onderwerp van politieke vragen was. Vorige week bleek dat een van de kanonnen van het fregat niet operationeel was toen het schip naar de regio werd gestuurd. Volgens de minister was dat geen probleem omdat het schip daar vooral luchtverdediging levert. Dat kan best zo zijn, maar het leidde wel tot terechte vragen.

Opvallend genoeg bleef een bredere discussie over het functioneren van de minister uit. De Evertsen is geen vliegdekschip maar een fregat. Kan de minister van Defensie geen onderscheid maken tussen een vliegdekschip en een fregat? Toen Sigrid Kaag minister van Financiën werd, ontstond vrijwel onmiddellijk een nationale discussie over haar geschiktheid voor dat ambt. Diezelfde kritische reflex lijkt plotseling verdwenen wanneer het om Yesilgöz gaat. Terwijl haar politieke carrière al eerder controverses kende, bijvoorbeeld rond haar uitspraken over de zogenaamde “nareis-op-nareis”-regeling in het asieldossier. Dat zijn normaal gesproken precies de momenten waarop talkshows, kranten en politieke commentatoren wekenlang debatteren over betrouwbaarheid en beoordelingsvermogen.

Maar nu blijft het opvallend stil.

Misschien zegt dat iets over de politieke cultuur van dit moment. In een tijdperk waarin politiek steeds meer draait om korte video’s, sociale media en persoonlijke profilering, lijkt het soms belangrijker hoe een minister oogt op het dek van een fregat dan hoe zij haar ambt uitoefent. Toch zou juist nu, met oplopende geopolitieke spanningen en snel stijgende defensiebudgetten de lat hoger moeten liggen. Het ministerie van Defensie is geen marketingafdeling. Een oorlogsschip is geen decorstuk.

En een VVD campagnefilmpje van 93.000 euro verdient meer dan een schouderophalen. Misschien is het daarom tijd voor een debat dat tot nu toe opvallend ontbreekt: niet over het filmpje, maar over de vraag of Dylan Yesilgöz eigenlijk wel met dezelfde kritische maatstaf wordt beoordeeld als andere politici.



zaterdag 21 januari 2012

Status verhogend

Terwijl Barbara Bleker-Rijselaarsdam haar nagels zit te vijlen in het regeringsvliegtuig, waarmee ze op kosten van de belastingbetaler naar Berlijn vliegt, maakt de rest van de wereld zich druk over een belangrijk economisch vraagstuk. Barbara Rijselaarsdam, de nieuwe aanwinst van CDA-leider in spe Henk Bleker, zal geen relatie met de 32-jaar oudere Groningse agrariër hebben aangeknoopt, omdat hij zo super knap is, of hooguit intelligent is. Snoepreisjes als deze, waarbij ze met haar nieuwe vlam gratis naar Berlijn kan vliegen, zijn de reden om zich letterlijk bloot te geven aan de man, die twee zoons van haar leeftijd heeft. Zo’n luxe regeringsvliegtuig is ook vele malen luxer dan zo’n suffe KLM-kist, waar je met zeventig mensen plus 7 bemanningsleden ruim een uur op een kluitje zit. Tsja, Barbara… het heeft wel wat, seks met de staatssecretaris van Landbouw, Innovatie en Milieu. Kun je tegen je vriendinnen roepen, dat jij wel even in het regeringsvliegtuig hebt gezeten. Dat je hebt gezeten op de stoel, waar normaliter de koningin en haar gevolg zit. Dat je hebt gevlogen in het toestel, waar doorgaans de minister-president en zijn gevolg in zitten. Dat je luxueus hebt geslapen in een hotel, op kosten van de belastingbetaler. Barbara heeft het helemaal voor elkaar. Haar status rijst als nooit tevoren. Barbara hoeft zich geen zorgen te maken over de AAA-status; hooguit over de CDA-status.

Het kredietbeoordelingsbureau Standard & Poor’s (S&P, vertaald ‘Standaard en Arm’, hoe toepasselijk) verlaagde deze week de beoordeling van Frankrijk en Oostenrijk (ik moet uitkijken dat ik niet verval in Amerikaanse termen als ‘credit rating agency’ en ‘AAA-status’ (tripple A rating); maar tot nu toe gaat het aardig). Ook het Europese noodfonds ESF kreeg van jetje; een afwaardering (‘downgrade’ in rond Hollands) van S&P. Eerder verlaagde de kredietbeoordelaar al de waardering van Griekenland, Spanje en de Verenigde Staten. Het zorgde ervoor dat zelfs de Amerikaanse president zich druk ging maken en in een toespraak, die wereldwijd op hetzelfde tijdstip werd uitgezonden, verklaarde, dat de VS zijn rekeningen altijd keurig netjes hebben betaald en dat zal zo blijven. Iedere keer als S&P de kredietstatus van een land ter discussie stelt, zorgt het voor wereldnieuws (en gratis publiciteit voor S&P). Maar het zorgt vooral voor nerveuze reacties op de kapitaalmarkt. Alsof het doelbewust beleid is.

De kredietbeoordelingen van landen is een ondoorzichtig geheel geworden. Naast S&P zijn er namelijk nog méér kredietbeoordelaars, die ook beoordelingen bij houden en die zijn heel wat milder dan S&P. Moody’s en Fitch, de twee anderen, verlaagden de status van Frankrijk, Oostenrijk, de VS en het Europese noodfonds ESF namelijk niet. Als investeerder vraag je je dan af, wie je nu moet geloven in deze financieel onzekere tijden. Is het S&P, die het ESF voor geen millimeter vertrouwt; of leg je je ziel in de schoot van Moody’s en Fitch, die er alle vertrouwen hebben in hebben, dat met de miljarden uit het ESF de Europese problemen worden opgelost? Het wordt de investeerder niet makkelijk gemaakt. S&P vindt de hervormingen in Frankrijk, Oostenrijk en de VS veel te langzaam gaan en waarschuwt de landen daarom. Ook wil S&P meer geld van de andere Europese landen zien, die in het Europese noodfonds ESF worden gestopt. Geld, dat er niet is. S&P voorspelde eerder dat België in de problemen zou komen. Alsof S&P weet, wat voor weer het deze zomer gaat worden.

In een ideale wereld zouden we bedrijven als S&P moeten negeren. Steeds, als het even wat beter dreigt te gaan met de Europese economieën, dan steekt als een hardnekkig virus S&P de kop weer op, om te roepen dat het helemaal niet zo goed gaat. Laten we niet vergeten dat bedrijven als Moody’s, Fitch en S&P de kredietcrisis niet hebben ziet aankomen, evenals de eurocrisis. Laten we niet vergeten dat Moody’s, Fitch en S&P de banken en verzekeraars een dikke voldoende gaven, terwijl ze wisten, dat diezelfde banken geen cent meer in de kas hadden liggen. Laten we niet vergeten, dat Moody’s, Fitch en S&P bedrijven als Enron, Lehman Brothers en Ahold de allerhoogste status AAA gaven, terwijl die bedrijven op grote schaal rommelden met de boekhouding. Moody’s, Fitch en S&P lijken hun fouten uit het verleden nu te willen corrigeren, door allerlei onheil te voorspellen. In feite lopen ze op dun ijs en dat weten ze. Het ijs is van dermate slechte kwaliteit, dat ze er ieder moment doorheen kunnen zakken en ook dat weten ze. In de hoop door te kunnen schaatsen, verlagen ze de kredietstatus van landen, die in tot voor kort nog als erg veilige investering konden worden gezien. De immense schuld van 15.000 miljard dollar (nee, die punt staat op de juiste plaats!) schuld die de VS aan diverse landen (waaronder Nederland!) hebben, komt niet uit de lucht vallen. De 1.2000 miljard euro schuld, die de Fransen aan het buitenland (waaronder Nederland!) hebben, zijn ook niet van gisteren. Hetzelfde geldt voor België, Spanje, Griekenland en het Europese noodfonds ESF. Nederland zit op een bescheiden schuld van 100 miljard euro; een ondraaglijke schuld voor een klein land als Nederland is. Toch behoudt Nederland voor S&P de hoogste kredietboordelingsstatus (mooi Scrabble-woord, overigens).

In feite zijn Moody’s, Fitch en S&P net zo betrouwbaar, als Marco Verhoef, Erwin Kroll of Willemijn Hoebert die iedere avond aan het eind van het journaal voorspelt, wat voor weer het morgen gaat worden. Er zit altijd een immense variatie in die weersvoorspellingen zo moeten we de voorspellingen van Moody’s, Fitch en S&P ook zien. Ze komen erg betrouwbaar over, maar feitelijk zegt hun beooreling helemaal niets. Vooral omdat Moody’s, Fitch en S&P voorheen de VS met 15.000 miljard dollar schuld als een veilige haven zagen, maakt hun beoordelingen uiterst discutabel. Moody’s en Fitch zien de VS overigens nog steeds als veilige haven. En dat, terwijl we met z’n allen weten dat de Amerikanen eigenlijk al sinds midden jaren ’60 van de vorige eeuw geen dollarcent meer op hun kont te krabben hebben. De nieuwe Amerikaanse president ontkomt niet aan het verhogen van de belastingen; een doodzonde in de VS, vergelijkbaar met de discussie rond het beperken van de hypotheekrenteaftrek in Nederland. Moody’s en Fitch zijn ook nog steeds erg te spreken over landen als Frankrijk en België. Daar, waar concurrent S&P vraagtekens in de kantlijn zet.Wie heeft er nu gelijk? Wie moet je geloven, als je wilt investeren in staatsobligaties?

Het verlagen van de kredietbeoordelingen werkt uiteindelijk voor S&P net als seks voor Barbara Rijselaarsdam; opwindend maar vooral statusverhogend.