Pagina's

Posts tonen met het label Dylan Yesilgöz. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Dylan Yesilgöz. Alle posts tonen

dinsdag 19 mei 2026

De knieval van de VVD: Hoe de angst voor extreemrechts de rechtsstaat uitholt

De VVD presenteerde zich jarenlang als het ultieme anker van bestuurlijke stabiliteit. Terwijl de politieke wind gierde en crises elkaar in hoog tempo opvolgden – van de kredietcrisis en de vluchtelingencrisis tot de coronapandemie en de oorlog in Oekraïne – was daar altijd de VVD om de boel ‘verantwoord’ bij elkaar te houden. Maar na de leiderschapswissel in 2023 is die vermeende stabiliteit als sneeuw voor de zon verdwenen. Wat rest is een partij die rillend van angst naar de rechterflank staart, lamgelegd door de vrees kiezers te verliezen aan populistisch rechts.

De fatale strategische blunder was het intrekken van de harde grens met de PVV. Waar Mark Rutte in 2017 Geert Wilders nog met een kort briefje resoluut buitensloot, opende de nieuwe VVD-leiding de deur wagenwijd. Daarmee gaven ze hun eigen achterban een alternatief cadeau dat voorheen ondenkbaar was. Het resultaat? Een kabinet dat nagenoeg niets presteert en een VVD die zich in een permanente staat van paniek bevindt.

De angst regeert en dat leidt tot dieptriest electoraal opportunisme waarbij zelfs fundamentele rechtsstatelijke principes bij het grofvuil worden gezet. Neem het haastig door Wilders ingediende amendement om illegaliteit strafbaar te stellen. Vlak voor de verkiezingen stemde de VVD-fractie gedwee mee. Bestuurlijk volstrekt onverantwoord en ondoordacht, maar de angst om voor ‘links’ versleten te worden woog zwaarder dan het leveren van deugdelijke wetgeving.

Diezelfde paniek zien we terug in de frontale aanval van de liberalen op onze grondrechten. Plotseling is de partij die ooit de mond vol had van individuele vrijheid de grootste voorstander van het inperken van het demonstratierecht. Zelfs nadat het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (het onafhankelijke kennisinstituut van hun eigen ministerie) concludeerde dat strengere regels onnodig zijn en averechts werken, bleef de VVD drammen op symboolwetgeving om protesten te beteugelen.

Het dieptepunt van dit intellectuele faillissement bleek wel toen de VVD meestemde met een ultrarechtse motie om 'Antifa' te verbieden als terroristische organisatie. Dat de AIVD en juristen direct opmerkten dat Antifa helemaal geen structuur of organisatie hééft maar een decentraal idee is, deed er niet toe. De VVD wilde daadkracht veinzen en bleek in haar ijver zelfs bereid om, bij monde van Dilan Yesilgöz, te pleiten voor het verbieden van een 'gedachtegoed'. Een grotere inbreuk op de vrijheid van meningsuiting is voor een zogenaamd liberale partij nauwelijks denkbaar.

Hetzelfde patroon zagen we bij de Spreidingswet. In plaats van te kiezen voor fatsoenlijk, landelijk beleid, zwabberde de top mee met de populistische wind. Fractievoorzitter Brekelmans stelde doodleuk dat gemeenten zelf maar moesten kijken of ze asielzoekers wilden opvangen – een bewuste verdraaiing van de werkelijkheid om de eigen rechterflank te pleasen.

De weigering om tijdens de formatie überhaupt te praten met GroenLinks-PvdA was de genadeklap voor het eigen politieke vernuft. Door links bij voorbaat te criminaliseren, gijzelt de VVD haar eigen kabinet in de zoektocht naar brede meerderheden. De ironie is pijnlijk: in plaats van een constructief gesprek met Jesse Klaver en Frans Timmermans, moet ditzelfde kabinet straks aan tafel met woedende vakbonden. De VVD ontvluchtte de constructieve linkse politiek, om vervolgens recht in de armen te lopen van de gestaalde kaders van de FNV, waar de invloed van de SP nog altijd voelbaar is. Dat is geen strategisch meesterschap; dat is het totale failliet van het liberale machtsdenken.


zondag 3 mei 2026

Rob Jetten staat nog steeds in zijn smetteloze pak, maar de modder komt inmiddels tot aan zijn knieën

De sluwe beeldregie waarmee Rob Jetten het torentje wist te veroveren, is inmiddels een molensteen rond zijn nek geworden. Waar hij tijdens de formatie schitterde door snelheid en een glimlach die elke inhoudelijke frictie leek glad te strijken, staat hij nu in de kille regen van een minderheidskabinet dat aan alle kanten lekt. Het is een klassiek politiek drama: de man die dacht de nieuwe Mark Rutte te zijn, wordt nu vakkundig gefileerd door de partij van Rutte zelf.

In de Tweede Kamer zagen we onlangs een onthutsend schouwspel dat de morele leegte van het huidige politieke klimaat blootlegde. Een debat over antisemitisme ontaardde in een platte politisering van menselijk leed. Terwijl Laura Bromet (PRO) herinnerde aan de gruwelijke geschiedenis van haar eigen familie, greep rechts Nederland de gelegenheid aan om de schuld exclusief bij moslims en migranten te leggen. Of het nu de PVV, de VVD of de eenmansfractie van Mona Keijzer was: antisemitisme werd niet bestreden als een diepgeworteld maatschappelijk kwaad, maar ingezet als handige munitie tegen de islam. De Kamer verkoos de eigen politieke werkelijkheid boven de historische feiten, waarin antisemitisme helaas een veel bredere en diepere voedingsbodem heeft dan alleen de migratiestromen van de laatste jaren.

Dit gebrek aan gezamenlijkheid is tekenend voor de wankele fundering waarop het kabinet-Jetten is gebouwd. Terwijl de ploeg pas twee maanden onderweg is, regeert niet de stabiliteit maar het pure opportunisme. De VVD voert hierbij de boventoon met een geraffineerde campagne die erop gericht is Jettens reputatie te slopen nog voordat hij goed en wel in het zadel zit. Oud-gedienden zoals Jorritsma en Zijlstra worden strategisch in talkshows gepositioneerd om de premier als een lichtgewicht weg te zetten. De boodschap is even eenduidig als vals: "Mark zou dit allang hebben opgelost." Het is een gecoördineerde aanval op de geloofwaardigheid van een premier die ze zelf in het zadel hebben geholpen, puur om de eigen rechtse flank af te dekken.

De ironie is pijnlijk voor iedereen die in de 'nieuwe bestuurscultuur' geloofde. Jetten dacht met zijn strakke deadlines en snelle formatie daadkracht uit te stralen, maar hij heeft zichzelf daarmee in een fuik gezwommen. Door de enorme tijdsdruk die hij zichzelf oplegde, kon Dilan Yesilgöz de hoofprijs vragen aan de onderhandelingstafel. Jetten zat gevangen in zijn eigen beeldregie; hij moest slagen, en dat wist de VVD. Nu zit hij opgescheept met een regeerakkoord dat op sociaal-economisch gebied een keihard liberaal stempel draagt, terwijl hij voor elk wetsvoorstel met de pet in de hand langs de oppositie moet in een vijandige Eerste Kamer.

De PVV speelt ondertussen haar eigen cynische spel. Geert Wilders laat de asielwetten van zijn eigen minister Faber in de senaat sneuvelen, simpelweg omdat hij het thema liever warm houdt voor toekomstige verkiezingen dan dat hij werkelijk verantwoordelijkheid draagt. Het toont aan dat dit kabinet niet gebouwd is op een gedeelde visie, maar op de angst om de macht te verliezen. Jetten staat er in dit mijnenveld feitelijk alleen voor. De beeldregie die hem aan de macht bracht, bleek een kwetsbare façade. Nu die afbrokkelt, blijft een premier over die vergeten is dat regeren niet alleen gaat over communicatie, maar vooral over het overleven in de modder van de machtspolitiek. Jetten staat nog steeds in zijn smetteloze pak, maar de modder komt inmiddels tot aan zijn knieën.

 


donderdag 23 april 2026

De VVD spaart voor de toekomst

 Nauwelijks waren de asielwetten gesneuveld in de Eerste Kamer of het bekende riedeltje begon: het lag aan D66. Niet een beetje, maar volledig. Alsof de rest van de politieke werkelijkheid er niet toe deed. Kort daarna zat de halve VVD alweer in de vaderlandse talkshows en radioprogramma’s om het verhaal erin te rammen dat deze blunder toch echt niet aan de VVD zelf lag. Strak geregisseerd. Zonder ruis. Zonder tegenspraak.

Die tegenspraak kwam er ook niet. Geen enkele journalist die de vuurspuwende meedogenloze VVD'ers de simpele vraag stelde hoe het toch mogelijk is dat de PVV tegen haar eigen voorstel stemde. Als de PVV gewoon had meegestemd dan was de steun van D66 helemaal niet nodig geweest. Zo ingewikkeld is het niet. Maar die vraag bleef uit. In plaats daarvan kreeg een hele batterij woeste VVD’ers die door de campagneleiding uit de kast waren getrokken alle ruimte om D66 als hoofdschuldige aan te wijzen.

Dat is geen slordigheid. Dat is gewoon hoe dit spel werkt. De VVD moet de aandacht weghouden van haar eigen blunders en een coalitie die vanaf dag één op drijfzand stond. Dilan Yeşilgöz gokte erop dat de PVV altijd zou leveren als het om asiel ging. Dat bleek een misrekening die de hele wereld zag aankomen. Behalve de VVD zelf. En dus gebeurt wat altijd gebeurt: er wordt een zondebok gezocht voor hun eigen falen. En die werd gevonden in D66.

Opvallend is wie er door die batterij VVD'ers níet werd aangepakt. De PVV blijft buiten schot. Geen toeval. Wie die extreemrechtse beweging nu frontaal aanvalt, maakt een volgende samenwerking lastiger. En laten we eerlijk zijn: een hernieuwde samenwerking met de PVV ligt bij de VVD gewoon nog op tafel. Wat er ook wordt geroepen door die batterij VVD’ers.

Het asieldossier is voor extreemrechts al jaren geen dossier meer, maar een ordinair verdienmodel. Problemen worden opgeblazen, oplossingen versimpeld en zodra er geleverd moet worden haakt extreemrechts af. Dat zagen we eerder tijdens Wilders I en dat zien we nu weer. De PVV heeft er geen enkel belang bij om het asielverhaal op te lossen. Geen enkel. Zonder probleem geen verhaal. En de VVD? Die speelt het spel mee. Omdat het werkt.

Wat je overhoudt is een politieke werkelijkheid waarin beeldvorming belangrijker is dan beleid. Waarin het slopen van een coalitiegenoot makkelijker is dan het oplossen van een probleem. Waarin talkshows op radio en tv zo VVD gezind zijn dat ze niet veel meer zijn dan een doorgeefluik.

Deze aanval op D66 is dus geen incident. Het is een rookgordijn. Handig om een mislukking achter te verstoppen en tegelijk de deur open te houden naar de volgende samenwerking met de PVV. Want die komt er gewoon. Nieuwe verkiezingen, hetzelfde onderwerp. Asiel als vaste prik. De VVD die weer stoer doet. De PVV die weer kan scoren zonder iets te hoeven leveren. En D66 dat het weer mag uitleggen. Als ze daar al de kans voor krijgen, want na de volgende verkiezingen is D66 hetzelfde lot beschoren als NSC: D66 gaat roemloos ten onder.

De VVD spaart voor de toekomst. Alleen niet voor oplossingen. Voor de volgende samenwerking met extreemrechts.

zaterdag 28 maart 2026

Waar blijft de nationale discussie over de capaciteiten van Dylan Yesilgöz?

Soms zegt een filmpje meer over een minister dan een heel Kamerdebat. Afgelopen week verscheen er zo’n filmpje van minister van Defensie Dylan Yesilgöz. Flitsende beelden van de Middellandse Zee, militairen in uniform, een modern oorlogsschip en in het midden daarvan de minister zelf. Ze loopt fier over het dek, spreekt met bemanningsleden en kijkt naar de horizon alsof ze persoonlijk de Russen tegenhoudt. Dit soort beelden dat uitstekend werkt op sociale media (en nog beter in een campagne). Alleen zat er wel een prijskaartje aan dat moment van deze politieke cinematografie. Het bliksembezoek van de minister aan het Nederlandse fregat Zr.Ms. Evertsen kostte volgens RTL Nieuws ongeveer 93.000 euro. De Zr.Ms. Evertsen bevindt zich momenteel in het oostelijke deel van de Middellandse Zee en maakt daar deel uit van een Frans vlootverband rond het vliegdekschip Charles de Gaulle. Het Nederlandse schip levert luchtverdediging en beschermt bondgenoten in een geopolitiek gespannen regio.

Dat een minister militairen op missie bezoekt is op zichzelf niet vreemd. Dat gebeurt vaker. Het hoort ook een beetje bij het ambt. Maar een bezoek dat nog geen dag duurt en bijna een ton kost, terwijl het resultaat vooral een strak gemonteerd filmpje op sociale media is, roept wel degelijk vragen op. Het ministerie van Defensie is de afgelopen jaren namelijk een opmerkelijk comfortabel departement geworden voor politici met leiderschapsambities. Terwijl andere ministeries moeten bezuinigen en worstelen met ingewikkelde dossiers, krijgt Defensie er juist miljarden bij. Nieuwe fregatten, nieuwe gevechtsvliegtuigen, nieuwe wapensystemen. Politiek gezien is het een van de weinige plekken waar vrijwel alleen goed nieuws valt te verkopen. Voor een politicus die werkt aan een leidersprofiel is dat natuurlijk een aantrekkelijke positie.

En precies dat profiel heeft Yesilgöz nodig. Het is al lang geen geheim meer dat zij de eerste vrouwelijke premier van Nederland wil worden. Daar is op zichzelf niets mis mee. Ambitie hoort bij het vak. Maar het wordt wel een probleem wanneer beeldvorming belangrijker lijkt te worden dan bestuurlijke geloofwaardigheid. Dat gevoel werd versterkt door de manier waarop de minister kritiek op het dure bezoek wegwuifde. Volgens Yesilgöz kan er “nog geen EasyJet op een vliegdekschip landen”. Het was bedoeld als een grap, maar het klonk vooral als een reflex. Alsof de discussie over een reis van 93.000 euro vooral een communicatieprobleem is.

Daar komt nog iets bij. Het bezoek vond plaats op een moment waarop de inzet van de Evertsen zelf al onderwerp van politieke vragen was. Vorige week bleek dat een van de kanonnen van het fregat niet operationeel was toen het schip naar de regio werd gestuurd. Volgens de minister was dat geen probleem omdat het schip daar vooral luchtverdediging levert. Dat kan best zo zijn, maar het leidde wel tot terechte vragen.

Opvallend genoeg bleef een bredere discussie over het functioneren van de minister uit. De Evertsen is geen vliegdekschip maar een fregat. Kan de minister van Defensie geen onderscheid maken tussen een vliegdekschip en een fregat? Toen Sigrid Kaag minister van Financiën werd, ontstond vrijwel onmiddellijk een nationale discussie over haar geschiktheid voor dat ambt. Diezelfde kritische reflex lijkt plotseling verdwenen wanneer het om Yesilgöz gaat. Terwijl haar politieke carrière al eerder controverses kende, bijvoorbeeld rond haar uitspraken over de zogenaamde “nareis-op-nareis”-regeling in het asieldossier. Dat zijn normaal gesproken precies de momenten waarop talkshows, kranten en politieke commentatoren wekenlang debatteren over betrouwbaarheid en beoordelingsvermogen.

Maar nu blijft het opvallend stil.

Misschien zegt dat iets over de politieke cultuur van dit moment. In een tijdperk waarin politiek steeds meer draait om korte video’s, sociale media en persoonlijke profilering, lijkt het soms belangrijker hoe een minister oogt op het dek van een fregat dan hoe zij haar ambt uitoefent. Toch zou juist nu, met oplopende geopolitieke spanningen en snel stijgende defensiebudgetten de lat hoger moeten liggen. Het ministerie van Defensie is geen marketingafdeling. Een oorlogsschip is geen decorstuk.

En een VVD campagnefilmpje van 93.000 euro verdient meer dan een schouderophalen. Misschien is het daarom tijd voor een debat dat tot nu toe opvallend ontbreekt: niet over het filmpje, maar over de vraag of Dylan Yesilgöz eigenlijk wel met dezelfde kritische maatstaf wordt beoordeeld als andere politici.



donderdag 5 februari 2026

Jetten I is gewoon Yesilgöz I met een premier in bruikleen

Nog voordat Rob Jetten überhaupt iets kon zeggen over de verdeling van ministersposten, had Dylan Yesilgöz ze al uitgedeeld. Dat ene detail zegt eigenlijk alles wat je moet weten over het zogenoemde Kabinet Jetten I. Formeel staat Jetten straks op het bordes, maar politiek gezien is het Dylan Yesilgöz die de regie voert. De VVD-leider is de feitelijke premier, Jetten mag de rol spelen.

Steeds meer Nederlanders zien het inmiddels. Yesilgöz is niet iemand die samenwerkt, maar iemand die dicteert. Niet iemand die onderhandelt, maar iemand die oplegt. Dat hele verhaal over een “nieuwe bestuurscultuur” kan direct de prullenbak in. Wat we krijgen is geen kabinet van drie partijen, maar een kabinet van één partij met twee bijwagens. D66 en CDA mogen aanschuiven, maar alleen zolang ze netjes het VVD-script volgen.

De ironie is pijnlijk. D66-kiezers zijn massaal overgestapt naar Jetten omdat ze een progressief alternatief wilden voor het rechtse blok rond Wilders en Yesilgöz. Wat ze nu krijgen is een regeerakkoord dat één-op-één het VVD-verkiezingsprogramma kopieert. Asiel, veiligheid, economie, Europa: alles ademt Yesilgöz. Jetten is in deze constructie niet meer dan de nieuwe Schoof. Een premier zonder macht, zonder ruimte, zonder eigen koers.

Yesilgöz is daarmee de tikkende tijdbom van dit kabinet. Niet omdat ze onvoorspelbaar is, maar omdat ze structureel ongeschikt is voor samenwerking. Ze heeft GroenLinks-PvdA maandenlang weggezet als staatsgevaarlijk, moreel corrupt en verantwoordelijk voor alles wat misgaat in Nederland. En nu is ze “blij met de uitgestoken hand” van Jesse Klaver. Dat is geen politieke volwassenheid, dat is cynisme. Eerst iemand demoniseren, daarna doen alsof je verrast bent dat diegene wantrouwig is.

Want laten we eerlijk zijn: GroenLinks-PvdA heeft hier niets te winnen. Elke poging om ook maar één komma in het regeerakkoord aan te passen zal door Yesilgöz persoonlijk worden gesaboteerd. Onderhandelen is hier niet de bedoeling. Het is tekenen bij het kruisje of vertrekken. Klaver snapt dat inmiddels. Zijn waarschuwing – “verwar onze uitgestoken hand niet met een blanco cheque” – is geen retoriek, maar pure zelfbescherming.

Het CDA mag ondertussen doen alsof het zichzelf opnieuw heeft uitgevonden, maar in werkelijkheid is het gedegradeerd tot aanhanger. Van regeringspartij naar bijwagen. Geen ideologische koers, geen profiel, geen invloed. Alleen nog relevant omdat Yesilgöz een extra zetel nodig had voor haar machtsproject. Dit is niet het CDA van balans en bruggen bouwen, dit is het CDA als politieke accessoire.

Het meest zorgwekkende is dat Yesilgöz in dit kabinet exact dezelfde rol speelt als Wilders in het faalkabinet Schoof I. De harde lijn, de rancune, de permanente vijandbeelden, de obsessie met GroenLinks-PvdA. In stijl, toon en strategie is Yesilgöz simpelweg Wilders in VVD-jasje. Met dit verschil: zij wordt serieus genomen door de instituties, waar Wilders altijd op afstand werd gehouden.

En zo krijgen we opnieuw een kabinet dat niet gebouwd is op samenwerking, maar op controle. Niet op inhoud, maar op macht. Niet op vertrouwen, maar op angst. Angst voor links, angst voor kritiek, angst voor echte verandering. De VVD heeft alles binnengehaald. D66 voert VVD-beleid uit. Het CDA legitimeert VVD-beleid. En Rob Jetten mag er een progressieve sticker op plakken.

Noem het dus geen Kabinet Jetten I. Dat is politieke marketing. Dit is Kabinet Yesilgöz I. Een kabinet waarin één persoon de lakens uitdeelt, één persoon de grenzen bepaalt en één persoon structureel weigert te accepteren dat democratie betekent dat je soms moet toegeven. En precies daarom is Dylan Yesilgöz niet de sterke vrouw van dit kabinet, maar de zwakste schakel. Niet omdat ze te weinig macht heeft, maar omdat ze er veel te veel van wil.



dinsdag 13 januari 2026

Dylan Yesilgöz is de tikkende tijdbom onder Jetten I

 Het Kabinet-Jetten I is nog niet beëdigd of het is al politiek stervende. Niet door pech of externe omstandigheden, maar door een opeenstapeling van bewuste keuzes van één persoon: VVD-leider Dylan Yesilgöz. Wat zich nu aandient als een minderheidskabinet naar zogenaamd Deens model is in werkelijkheid het eindstation van jarenlange politieke destructie, aangestuurd door een partijleider die consequent chaos verkiest boven verantwoordelijkheid.

De VVD is onder Yesilgöz geen liberale bestuurspartij meer. Zij is een PVV-kloon geworden. Dezelfde taal, dezelfde vijandbeelden, dezelfde obsessie met migratie en dezelfde minachting voor samenwerking. Alles wat ruikt naar links moest verdwijnen. GroenLinks-PvdA werd onder geen enkele voorwaarde toegelaten tot de formatie, terwijl juist die combinatie de enige stabiele meerderheid had kunnen opleveren. Niet omdat samenwerking onmogelijk was, maar omdat Yesilgöz haar politieke identiteit volledig heeft gebouwd op het demoniseren van sociaaldemocratie.

Het resultaat is het eerste minderheidskabinet in de Nederlandse parlementaire geschiedenis dat niet voortkomt uit noodzaak, maar uit ideologische koppigheid. Voorstanders schermen met Denemarken, maar dat is misleiding. In Denemarken functioneren minderheidskabinetten omdat rechts en links daar begrijpen dat landsbelang boven partijbelang staat. Men sluit compromissen, ook met politieke tegenstanders, omdat het alternatief bestuurlijke verlamming is. In Nederland is dat besef onder leiding van VVD en PVV-klonen volledig verdwenen. Hier gunnen rechts en links elkaar het licht niet in de ogen. In zo’n klimaat is een minderheidskabinet geen experiment, maar een farce.

Yesilgöz dacht dat zij kon dicteren. GroenLinks-PvdA werd door haar eigenhandig uit de formatie getrapt maar mocht vervolgens wél braaf steun leveren. Blind tekenen bij het kruisje, zonder invloed, zonder overleg. Jesse Klaver maakte daar terecht korte metten mee. Zijn partij is geen stemvee, zoals dat de PVV wel is. De PVV wil het kabinet zo snel mogelijk laten struikelen, want destabilisatie is hun verdienmodel. JA21 is verbitterd omdat het buiten de macht viel. Het kabinet begint volledig geïsoleerd, zonder structurele steun in de Tweede Kamer en zonder enige kans in de Eerste Kamer, waar GroenLinks-PvdA onmisbaar is nu de BBB daar volledig is uiteengevallen.

Deze chaos is geen toeval. Yesilgöz heeft haar sporen ruimschoots verdiend als architect van politieke ontwrichting. Zij was degene die bewust het centrumrechtse kabinet met CDA, D66 en ChristenUnie liet struikelen. Niet omdat het niet werkte, maar omdat zij ruimte wilde maken voor samenwerking met extreemrechts. Daarvoor werd de inmiddels beruchte ‘nareis-op-nareis’-mythe ingezet: een verzonnen probleem, strategisch opgeblazen tot breekpunt. Geen beleidsdiscussie, maar een politieke sloopkogel.

Het nieuwe kabinet Schoof I droeg weliswaar de naam van Dick Schoof, maar was in werkelijkheid een bestuurlijk karkas waarin Geert Wilders de lakens uitdeelde en waarin ruzie, chaos en stilstand de norm waren. Schoof bleef grotendeels buiten beeld, terwijl Yesilgöz willens en wetens meewerkte aan een kabinet dat Nederland verder verlamde. Toen ook dat experiment implodeerde, deed zij alsof haar neus bloedde. Plotseling moest er weer een centrumrechts kabinet komen. Alleen was de meerderheid inmiddels verdampt. Van 77 zetels naar 66. Die schade kan volledig op het conto van Yesilgöz worden geschreven.

En dit alles gebeurt terwijl de wereld letterlijk in brand staat. De oorlogen stapelen zich op, de NAVO kraakt in zijn voegen, de Verenigde Staten laten hun Europese bondgenoten vallen en autoritaire regimes als Rusland en China winnen terrein. Dit is het moment waarop leiderschap vereist is, visie, stabiliteit. Wat Nederland krijgt is een VVD-leider die doet alsof er niets aan de hand is. Alsof geopolitieke instabiliteit een voetnoot is. Alsof haar partijpolitieke spelletjes belangrijker zijn dan de veiligheid en toekomst van het land.

Nederland zit inmiddels al bijna vijf jaar gevangen in besluiteloosheid. Niet door onmacht, maar door bewuste sabotage van door Yesilgöz. En terwijl de schade zich opstapelt, weigert Yesilgöz iedere vorm van verantwoording. Haar wil is wet. Wie haar tegenspreekt, wordt geëlimineerd.

Het Kabinet-Jetten I is geen vergissing. Het is het logische eindproduct van een politieke strategie die draait om polarisatie, uitsluiting en chaos. In Denemarken kan een minderheidskabinet regeren omdat men het landsbelang serieus neemt. In Nederland, onder leiding van Yesilgöz en haar PVV-klonen is dat besef volledig verdwenen. Daarom is dit kabinet niet alleen zwak begonnen, maar bij voorbaat gedoemd te mislukken.



zaterdag 13 december 2025

Regeren na verlies – hoe de VVD opnieuw de macht naar zich toetrekt

Wie denkt dat er zich in Den Haag iets nieuws voltrekt, kijkt niet goed. Wat we zien is geen toevallig formatieresultaat, maar een beproefd VVD-draaiboek. Nederland stevent af op Kabinet-Jetten I: een kabinet dat vanaf dag één wordt vastgezet op één onderwerp – immigratie – en daarmee feitelijk een doorstart vormt van het vorige, vroegtijdig mislukte kabinet. Niet omdat immigratie alle andere problemen overstemt, maar omdat de VVD dat zo wil. Wie de agenda vernauwt, grijpt de macht.

Rob Jetten verschijnt in dit decor niet als politiek leider, maar als uitvoerder. De echte regie ligt bij VVD-leider Dylan Yeşilgöz, die ondanks verkiezingsverlies opnieuw bepaalt wie mag meedoen en tegen welke prijs. Wie zich voegt, mag blijven. Wie tegenspreekt, wordt gesloopt. Frans Timmermans weet hoe dat werkt. Hans Wijers wist het al eerder. De parallellen met Dick Schoof zijn pijnlijk duidelijk: een premier zonder eigen gezag, gestuurd door een partijleider die buiten beeld regeert.

Dit is geen incident. Dit is VVD-strategie. Door vooraf alles uit te sluiten wat links is, maakt de VVD zichzelf “onmisbaar”. Het gevolg is dat kleine partijen met een marginaal mandaat, zoals JA21, ineens onevenredig veel invloed krijgen. Niet omdat de kiezer daarom vroeg, maar omdat de VVD het formatiespel zo heeft gemanipuleerd. Dat dit opnieuw de deur openzet voor extreemrechtse politiek is geen ongeluk, maar de bedoeling.

De tragiek is dat D66 hier (opnieuw) intrapt. Jarenlang profileerde de partij zich als progressief en Europees baken. Nu dreigt zij hetzelfde lot te ondergaan als NSC: leeggezogen, beschadigd en uiteindelijk overbodig. Wie D66 stemde voor een links-liberaal alternatief, krijgt een centrumrechts kabinet waarin VVD-retoriek en extreemrechtse frames uit het vorige faalkabinet gewoon worden voortgezet. Dat dit wordt verkocht als “bestuurlijke verantwoordelijkheid” is een schaamlapje voor het opgeven van principes.

Ondertussen mag links wel meewerken, maar niet meebeslissen. GroenLinksPvdA wordt door Yeşilgöz vakkundig buiten de formatie gehouden, maar mag straks wel rechtse plannen aan een meerderheid helpen in Tweede- en Eerste Kamer. Invloed nul, verantwoordelijkheid maximaal. Het is een bestuursstijl die we herkennen uit eerdere periodes van democratische verschraling: oppositie als stemvee.

De VVD verdedigt dit alles met het bekende riedeltje over “concrete oplossingen”. De werkelijkheid is dat vrijwel elk kabinet met VVD-deelname voortijdig is geklapt. De enige uitzondering? De samenwerking met de PvdA – precies de partij die Yeşilgöz systematisch demoniseert. Haar eigen staat van dienst spreekt boekdelen: zij liet een kabinet vallen waarin haar partij de grootste was, verloor verkiezingen, stapte in een extreemrechts experiment met de PVV dat tweemaal achter elkaar ontspoorde, en presenteert zich nu opnieuw als winnaar – met minder zetels dan voorheen. Stabiliteit wordt beloofd, chaos geleverd.

Ook inhoudelijk belooft dit weinig goeds. Grenscontroles die vooral overlast veroorzaken en nauwelijks effect hebben zijn inmiddels gedocumenteerde praktijk. Het vorige extreemrechtse experiment leverde bestuurlijke chaos, juridisch gedoe en maatschappelijke polarisatie op. Dat dit nu opnieuw als uitgangspunt dient, laat zien dat de VVD liever scoort op framing dan regeert op resultaat.

De kans is dan ook groot dat Jetten de nieuwe Schoof wordt: een premier die uitvoert wat elders wordt besloten. Bontenbal en Jetten hebben zich laten inpakken door een VVD die, ondanks verkiezingsverlies, haar greep op de macht verder heeft verstevigd. De richting wordt bepaald door Yeşilgöz, met daarboven de steeds zichtbaardere schaduw van een nieuwe flirt met de PVV. Niet het regeerakkoord stuurt, maar de machtspolitiek.

De echte vraag is dan ook niet of dit kabinet stabiel wordt, maar hoe lang het duurt voordat het opnieuw misgaat. Hoe geloofwaardig is de belofte van een stabiel kabinet als de architect ervan verantwoordelijk is voor zoveel eerdere breuken? Hoe democratisch is een systeem waarin verkiezingsuitslagen alleen tellen als ze de VVD goed uitkomen? En hoe lang accepteren we een politieke cultuur waarin blokkeren wordt beloond en verantwoordelijkheid structureel wordt afgewenteld?

Wie nu juicht, zou zich moeten afvragen wie straks de rekening betaalt. De geschiedenis leert: dat is zelden de VVD zelf.





vrijdag 5 december 2025

Formatie stagneert door de VVD die de onderhandelingen domineert

De kans dat Nederland op korte termijn, en met name voor de jaarwisseling, een nieuw kabinet krijgt, lijkt steeds kleiner te worden. Ondanks het afronden van een conceptregeerakkoord blijft het formatieproces stokken door blokkades. De kabinetsformatie zit vooral vast door de stellingname van de VVD, die het verloop van de onderhandelingen volledig naar haar hand heeft weten te zetten. De kern van de spanning ligt bij VVD-leider Dilan Yeşilgöz en haar houding tegenover samenwerking met GroenLinks-PvdA (GL-PvdA), die zij fel afwijst, waardoor de manoeuvreerruimte voor andere partijen beperkt blijft.

Voorafgaand aan de verkiezingen stond de VVD langdurig laag in de peilingen, rond vijftien zetels. De partij besloot toen tot een strategie waarin GL-PvdA expliciet werd uitgesloten en werd ingezet op een centrumrechts kabinet met D66 en het CDA. Daarbij werd de tegenstelling met GL-PvdA en lijsttrekker Frans Timmermans bewust aangescherpt. Deze aanpak versterkte de positie van de VVD in de eindfase van de campagne: GL-PvdA verloor zetels en Timmermans trad terug, terwijl de VVD het verlies beperkt hield en uitkwam op 22 zetels, een verlies van slechts twee zetels. Zo wist Yeşilgöz haar partij in een moeilijke positie te behouden en zelf de regie over het formatieproces te versterken.

Na de verkiezingen bleek het beoogde centrumrechtse kabinet rekenkundig onmogelijk. Een coalitie van D66, CDA en VVD haalt geen meerderheid in de Tweede Kamer. Daarom werd JA21 erbij betrokken, een partij die nog kort bestaat en beperkt bestuurlijke ervaring heeft. Een coalitie met deze samenstelling lijkt kwetsbaar, mede door de dominante rol van de VVD. De andere partijen zouden nauwelijks speelruimte hebben, waardoor de stabiliteit van het kabinet twijfelachtig is.

Ook een minderheidskabinet biedt weinig perspectief. Aan zowel de linker- als rechterzijde van het politieke spectrum ontbreekt voldoende steun in de Tweede Kamer. Hierdoor dreigt de formatie in een patstelling te blijven steken en lijken nieuwe verkiezingen onvermijdelijk. Mocht samenwerking met GL-PvdA definitief stranden, dan zou de PVV opnieuw het initiatief kunnen nemen, maar ook dat scenario biedt geen garantie op een stabiel bestuur. De PVV heeft in de vorige periode laten zien onvoldoende in staat te zijn om effectief te regeren, mede door de dominante rol van Geert Wilders.

Naast politieke obstakels speelt ook geld een rol. De VVD-partijkas is grotendeels uitgeput, waardoor nieuwe verkiezingen extra problematisch zijn. Tegelijkertijd heeft de strategie van Yeşilgöz haar positie binnen de partij versterkt. Zij heeft de schade voor de VVD beperkt en staat daardoor sterker dan ooit, terwijl andere partijen gedwongen worden zich aan te passen aan haar voorwaarden.

Zo staat de VVD voor een complexe keuze: doorgaan met samenwerking met een partij die tijdens de campagne scherp is bestreden, of nieuwe verkiezingen riskeren, met alle onzekerheden die dat met zich meebrengt. Beide opties brengen grote politieke risico’s met zich mee. De kabinetsformatie blijft vastzitten en de huidige patstelling vergroot de kans dat Nederland opnieuw naar de stembus moet, met het vooruitzicht van een vergelijkbare uitslag en voortzetting van politieke instabiliteit.



zaterdag 15 november 2025

De beloning van Geert Wilders

In de nasleep van een verkiezingsuitslag waarin de VVD haar slechtste resultaat in decennia behaalde, weet partijleider Dilan Yeşilgöz opvallend veel grip op het formatieproces te houden. Vanaf het eerste moment bestaat de indruk dat Yeşilgöz, ondanks dit verlies, een centrale en sturende rol opeist in de onderhandelingen. Deze spanning vormt de voedingsbodem voor een reeks gebeurtenissen die elkaar in hoog tempo opvolgen, waarbij het vertrek van informateur Hans Wijers, uitgelekte appberichten en strategische politieke manoeuvres het verloop van de formatie bepalen.

Kort na de verkiezingen benoemde de Tweede Kamer Hans Wijers als informateur. Hij werd gezien als een bruggenbouwer die partijen uit hun loopgraven moest halen en de verhoudingen moest normaliseren. Toch bleek zijn positie uiterst kwetsbaar. Nog geen dag na zijn aanstelling trad hij alweer terug, nadat een privébericht uitlekte waarin hij Yeşilgöz een “feeks” zou hebben genoemd. Deze kwalificatie veroorzaakte politieke ophef, maar de grotere vraag is hoe een opmerking uit de privésfeer op straat kan liggen. Het snelle vertrek van Wijers roept de vraag op of dit soort misstappen tegenwoordig zwaarder wegen dan politieke onwaarheden of misleidende uitspraken die in eerdere kabinetscrises nauwelijks tot consequenties leidden.

Het incident kan wordt geplaatst in een bredere context van politieke taal en mediakaders. De vergelijking met de periode waarin D66-leider Sigrid Kaag door extreemrechtse actoren systematisch als “heks” werd weggezet, komt hier om de hoek kijken. Die campagne was langdurig, strategisch en had uiteindelijk tot gevolg dat Kaag zich genoodzaakt voelde Nederland te verlaten. Dat een soortgelijke term in het geval van Yeşilgöz binnen een etmaal tot het vertrek van een informateur leidde, kan worden gezien als teken van scheve machtsverhoudingen en een mediacultuur die gevoelig is voor framing en politieke druk.

Privéappjes, vermeende sollicitaties naar burgemeestersposten en berichten over interne spanningen tast niet alleen personen direct in hun integriteit aan, maar ondermijnde ook het vertrouwen in het democratische proces zelf. De opeenstapeling van incidenten wekt de indruk dat bepaalde actoren doelbewust chaos creëren om daar strategisch van te profiteren. In deze lezing zou Geert Wilders, teleurgesteld over zijn tweede plaats bij de verkiezingen, geprobeerd hebben om via Yeşilgöz invloed uit te oefenen op het formatieproces. Door haar een sleutelpositie te geven in het frustreren van de gesprekken, zou hij op termijn de regie kunnen terugnemen, in ruil voor de mogelijkheid haar tot premier te maken zodra hij zelf als formateur wordt aangewezen.

Binnen deze interpretatie is de aanhoudende vertraging geen ongelukkige samenloop van omstandigheden, maar onderdeel van een berekende strategie. Wanneer CDA en D66 over enkele weken met een conceptregeerakkoord komen, zou Yeşilgöz dat niet zonder meer accepteren, waardoor het proces opnieuw vastloopt. Dat scenario kan ertoe leiden dat de opdracht wordt teruggegeven aan de Kamer, die vervolgens de nummer twee aanwijst: Wilders. Het idee dat hij binnen korte tijd een kabinet zou kunnen vormen, past volgens deze analyse naadloos binnen het geschetste strategische patroon.

Hoewel de auteur van dit stuk erkent dat dit scenario zich richting een complottheorie beweegt, vertoont het formatiespel volgens deze lezing steeds meer kenmerken van een ordinaire machtsgreep aan de randen van het democratisch proces. De keten van lekken, beschuldigingen en doelbewuste vertragingen voedt een groeiend wantrouwen onder burgers. De kern van de analyse is dat niet één individu verantwoordelijk is voor deze erosie, maar dat een gezamenlijke dynamiek tussen politici, lekcultuur en media ertoe leidt dat inhoudelijke onderhandelingen structureel naar de achtergrond verdwijnen.



donderdag 13 november 2025

Dylan Yesilgöz: van machtsspel tot blokkade

De kabinetsformatie verkeert in een impasse, en veel ogen zijn gericht op VVD-leider Dilan Yesilgöz. Volgens betrokkenen en analisten is zij momenteel de sleutelfiguur die bepaalt of Nederland binnenkort een nieuw kabinet krijgt of opnieuw naar de stembus moet. Haar weigering om akkoord te gaan met een zogenoemd middenkabinet – bestaande uit D66, CDA, GroenLinksPvdA en VVD – heeft de onderhandelingen op scherp gezet. Yesilgöz stelt dat Nederland niet heeft gekozen voor een centrumlinkse koers, maar voor een stabiel centrumrechts kabinet waarin ook JA21 een rol speelt.

De voorgestelde combinatie van VVD, CDA en JA21 zou volgens haar beter aansluiten bij de wens van de kiezer. Maar dat plan heeft een wankele basis. In de Tweede Kamer zou een dergelijk kabinet slechts op 75 zetels kunnen rekenen (niet eens een meerderheid), terwijl ook in de Eerste Kamer geen meerderheid bestaat. Bovendien kan aan JA21 worden getwijfeld als stabiele partner omdat deze partij, geleid door Joost Eerdmans, een geschiedenis kent van politieke overstappers. Eerdmans begon bij het CDA, stapte over naar de LPF en verschillende lokale partijen en richtte daarna JA21 op. Ook tweede kamerlid Annabel Nanninga, die in het verleden onder vuur lag vanwege controversiële tweets, wekt verdeeldheid.

De huidige blokkade volgt op een reeks strategische keuzes van Yesilgöz in de afgelopen jaren. In 2023 trok zij zelf de stekker uit het toenmalige centrumrechtse kabinet met CDA, D66 en ChristenUnie, officieel vanwege het asielbeleid. De crisis rond de ‘nareis’-regeling leidde tot een kabinetsval en effende de weg voor een samenwerking met de PVV van Geert Wilders – een optie die Yesilgöz tot op de laatste dag van de campagne nog uitsloot. Toen de PVV 24 uur later de verkiezingen won vond zij plotseling dat andere partijen “de wil van het volk” moesten respecteren en met Wilders moesten praten.

In 2025 is de situatie omgekeerd. Nu D66 als grootste partij uit de verkiezingen komt, speelt VVD juist de rol van blokkadepartij. De ooit liberale partij stelt harde voorwaarden aan een samenwerking en weigert deel te nemen aan een kabinet waarin GroenLinksPvdA meedoet. Daarmee wordt de formatie opnieuw vertraagd, tot frustratie van andere fracties die aandringen op bestuurlijke stabiliteit.

Daarmee stelt Yesilgöz partijbelang boven landsbelang. Hoewel de VVD bij de laatste twee verkiezingen 12 zetels verloor en daardoor niet langer de grootste partij is, gedraagt Yesilgöz zich als onderhandelaar vanuit een overwinningspositie. Haar scherpe toon richting GroenLinksPvdA en het voortdurend afwijzen van compromissen roepen vragen op over haar intenties. Het  vermoeden is daarmee dat zij aanstuurt op nieuwe verkiezingen, in de hoop dan alsnog premier te worden met steun van extreemrechts, zoals PVV, JA21 en BBB.

De situatie doet denken aan het mislukte kabinet van VVD, PVV, BBB en NSC dat kortstondig regeerde, maar ten onder ging aan interne verdeeldheid. Toch lijkt Yesilgöz opnieuw te mikken op een soortgelijke coalitie, met opnieuw het risico dat Nederland opnieuw maandenlang bestuurlijk stil komt te liggen.

Wat begon als een discussie over politieke richting is daarmee uitgegroeid tot een machtsstrijd. Terwijl partijen als D66 en CDA bereid lijken tot compromissen, houdt Yesilgöz vast aan haar koers. Vooralsnog is zij degene die bepaalt of de formatie wordt hervat of uitloopt op nieuwe verkiezingen. Daarmee is ze niet alleen politiek leider van de VVD, maar ook de spil in een nationale impasse die de toekomst van het landsbestuur in haar greep houdt.